Zware metalen in grondstoffen: kwik, arseen en de nieuwe EU-aanpak sinds 2023
Kwik in vis, arseen in rijst en cadmium in cacao: zware metalen in grondstoffen blijven een terugkerend risico, ook los van de EU-maatregelen voor cadmium en lood die we eerder al toelichtten. Sinds 2023 bundelt Verordening (EU) 2023/915 alle maximumgehalten in één geconsolideerd kader. We bekijken de actuele limieten voor kwik en arseen, de aparte aanpak voor cacao, en hoe je dit risico praktisch beheerst in je leveranciersbeoordeling en inkomende controle.
Kwik in vis en arseen in rijst: twee zware metalen met een eigen risicoprofiel
Naast cadmium en lood, waarover je in ons eerdere artikel de achtergrond kan lezen, staan ook kwik en arseen al langer op de radar van de Europese wetgever. Beide metalen komen van nature voor in het milieu, maar stapelen zich op een heel specifieke manier op in bepaalde grondstoffen.
Kwik: vooral een aandachtspunt bij vis en zeeproducten
Kwik komt in de voedselketen vooral terecht via vis en andere zeeproducten, waar het zich onder meer als methylkwik opstapelt naarmate je hoger in de voedselketen komt. Daarom gelden er voor kwik drie niveaus in het spiervlees van vis:
- 1,0 mg/kg voor roofvis en andere soorten met een hogere opstapeling, zoals tonijn, haai, zwaardvis en snoek;
- 0,50 mg/kg als algemene grens voor de meeste andere vissen en visserijproducten;
- 0,30 mg/kg voor een reeks veelgegeten soorten zoals kabeljauw, haring, zalm, makreel en sardines, en voor koppotigen.
Voor voedingssupplementen en zout ligt de grens op 0,10 mg/kg. Deze niveaus werden in 2022 herzien met Verordening (EU) 2022/617: voor een aantal veelgegeten soorten werd de grens verlaagd van 0,50 naar 0,30 mg/kg, voor andere soorten werd ze verhoogd, en voor zout kwam er een nieuw maximumgehalte. Zo wilde de Commissie de blootstelling aan methylkwik verlagen zonder de gekende voordelen van visconsumptie (o.a. omega-3) uit het oog te verliezen.
Arseen: de anorganische vorm in rijst
Arseen vormt een gelijkaardig, maar apart verhaal: het risico zit hem hier vooral in anorganisch arseen, de vorm die als kankerverwekkend wordt beschouwd, en die zich kan opstapelen in rijst. Voor rijst en rijstproducten gelden al sinds 2016 specifieke maximumgehalten (Verordening (EU) 2015/1006). Verordening (EU) 2023/465 heeft die in 2023 verder aangescherpt en uitgebreid. De huidige grenzen zijn:
- 0,15 mg/kg voor niet-geparboilde (witte) rijst;
- 0,25 mg/kg voor geparboilde en gedopte (bruine) rijst;
- 0,25 mg/kg voor rijstmeel (nieuw sinds 2023);
- 0,3 mg/kg voor rijstwafels, -crackers, -koeken en gepofte rijst;
- 0,03 mg/kg voor rijstdranken (nieuw sinds 2023);
- 0,1 mg/kg voor rijst bestemd voor babyvoeding;
- 0,02 mg/kg voor zuigelingenvoeding in poedervorm en 0,01 mg/kg in vloeibare vorm.
Net als bij kwik is de reden voor deze specifieke aanpak dat kinderen jonger dan drie jaar, en bepaalde bevolkingsgroepen met een hoog rijstverbruik, verhoudingsgewijs het meest kunnen worden blootgesteld.
Verordening (EU) 2023/915: de nieuwe, geconsolideerde basis sinds 2023
Van een versnipperde tekst naar één referentie
Tot voor kort vormde Verordening (EG) nr. 1881/2006 de juridische basis voor zowat alle maximumgehalten voor contaminanten in levensmiddelen, ook voor de cadmium- en loodregels uit ons eerdere artikel. Na talrijke wijzigingen sinds 2006 was die tekst intussen behoorlijk versnipperd geraakt.
Sinds 25 mei 2023 is Verordening (EU) 2023/915 daarom de nieuwe, geconsolideerde referentie. Ze herroept en vervangt Verordening (EG) nr. 1881/2006 volledig, maar voegt inhoudelijk geen nieuwe grenswaarden toe: het gaat om een hertekende, overzichtelijkere tekst waarin alle bestaande maximumgehalten (cadmium, lood, kwik, arseen, mycotoxinen, dioxines, PAK's en meer) zijn samengebracht.
Cadmium in cacao en chocolade: een apart traject binnen dezelfde verordening
Waarom cacao een apart geval is
Waar de cadmium- en loodmaatregelen uit ons eerdere artikel vooral betrekking hadden op groenten, fruit, granen en babyvoeding, loopt cacao al langer een eigen, apart traject. Cacaobonen nemen van nature makkelijker cadmium op uit de bodem, zeker in vulkanische streken zoals delen van Peru, Ecuador en Colombia, waardoor algemene cadmiumgrenzen voor cacao en chocolade niet zomaar konden worden losgelaten.
De maximumgehalten voor cacao en chocolade
Voor cacao en chocolade gelden specifieke maximumgehalten, oorspronkelijk vastgelegd via Verordening (EU) nr. 488/2014 en ondertussen mee opgenomen in de geconsolideerde Verordening (EU) 2023/915:
- 0,60 mg/kg voor cacaopoeder zoals verkocht aan de eindconsument;
- 0,10 mg/kg voor melkchocolade met minder dan 30% cacaobestanddelen;
- 0,30 mg/kg voor chocolade met minder dan 50% cacaobestanddelen en voor melkchocolade met 30% of meer cacaobestanddelen;
- 0,80 mg/kg voor chocolade met 50% of meer cacaobestanddelen.
Werk je met cacao of chocolade als grondstof of ingrediënt, dan is dit een van de gevallen waarbij de oorsprong van je grondstof een directe invloed kan hebben op het toepasselijke maximumgehalte.
Hoe beheers je dit risico? Van leveranciersspecificatie tot risicoanalyse
Een structureel risico zoals zware metalen los je niet op met een eenmalige controle, maar met een aanpak die begint bij je leveranciers en eindigt in je risicoanalyse. Een aantal praktische aandachtspunten:
- Neem concrete maximumgehalten voor kwik, arseen, cadmium en lood expliciet op in je leveranciersspecificaties, afgestemd op de grondstof en de van toepassing zijnde limieten uit Verordening (EU) 2023/915.
- Vraag bij hoogrisico-grondstoffen (vis voor kwik, rijst voor arseen, cacao voor cadmium, specerijen en wilde paddenstoelen voor lood) actuele analyserapporten of certificates of analysis op, en beperk je niet tot een eenmalige kwalificatie bij de opstart van de samenwerking.
- Laat inkomende goederen risicogebaseerd testen op zware metalen. ICP-MS (inductief gekoppelde plasma-massaspectrometrie) geldt doorgaans als de gangbare labomethode, omdat ze meerdere metalen tegelijk kan detecteren tot op zeer lage concentraties. Voor arseen is vaak een bijkomende speciatie-analyse nodig, aangezien enkel de anorganische vorm wettelijk gelimiteerd is.
- Neem zware metalen als chemisch gevaar op in je HACCP-gebaseerde risicoanalyse, met aandacht voor de herkomst van je grondstoffen als risicofactor bij goederenontvangst.
Ook andere chemische risico's verdienen aandacht
Zware metalen zijn niet het enige chemische risico dat op deze manier in je grondstoffen kan binnensluipen. Ook mycotoxinen in granen en diervoeder vragen om een gelijkaardige, risicogebaseerde aanpak; meer daarover lees je in ons artikel over mycotoxinen, EU-regelgeving en het klimaatrisico. Twijfel je hoe je dit concreet aanpakt in jouw risicoanalyse? Onze Normanisten denken graag mee.